De merel
De merel Foto: Mart Schel

Van bosmerel naar tuinmerel

Column

Afgelopen week zat ik te luisteren naar de top 2000, en de tekst van “Blackbird”, geschreven door John Lennon en Paul McCartney, drong toen pas goed tot me door. De merel als symbool voor de onderdrukking van de Afro-Amerikaanse gemeenschap: de tijd dat Martin Luther King zijn iconische speech hield over de burgerrechten; de tijd van onderdrukking, dat zwarte mensen alleen achterin de bus mochten, en in hotels geweerd werden. Al zijn dat soort taferelen inmiddels geschiedenis, toch zijn we er nog lang niet. McCartney zingt over de merel die het symbool is van de rassendiscriminatie, die het moment heeft afgewacht om zijn vleugels uit te slaan; nou, dat is in onze tuinen in ieder geval gelukt…

Meest succesvolle tuinvogel
Zo’n tweehonderd jaar geleden was de merel in de tuin een grote zeldzaamheid; rond 1920 constateerden onze vogelkenners dat de merels de bossen steeds meer de rug toekeerden, en hun heil gingen zoeken in de stadstuin. De merel had zichzelf als het ware opnieuw uitgevonden, en schakelde over van een schuwe bosvogel naar een mensenvriend. Ook al leidde onze bevolkingsexplosie tot een anti-climax in de natuurgebieden, toch klopte de merel brutaal aan op onze tuinpoort; de “blackbird” paste zich moeiteloos aan, en kwam er al doende achter dat de mensentuinen een grotere variatie aan voedsel te bieden hadden dan hij ooit in zijn bos-periode had kunnen dromen. En hij ontdekte dat die rare mensen allerlei lekkere hapjes rondstrooiden. Voer genoeg om met gemak vier, soms wel vijf nesten per jaar groot te brengen. Oké, af en toe strooide een kat of een ekster roet in het eten, maar desondanks had familie merel geen reden tot klagen op het gebied van gezinsuitbreiding.

Een kink in de kabel
Het ging de merel voor de wind, tot zo’n tien jaar geleden het Usutu-virus kwam binnenwaaien vanuit Afrika. Een massale sterfte onder de merels zorgde ervoor dat de nummer 1 van de tuinvogeltelling in één seizoen uit de top 3 verdween: een derde van de totale populatie legde het loodje, en anno 2025 zijn ze deze catastrofale ziekte nog niet te boven. Het Usutu-virus is vooral een gevaar voor zangvogels, en dan met name de huismus en de merel. Het wordt overgedragen door muggen; voor mensen is er geen gevaar.

De heertjes onder het winterse vogelvolk
Als ik, onderweg naar achteren, de merel in onze tuin een regenworm uit het gazon zie trekken, dan hou ik automatisch in; elke pier is er één. Laat ‘m maar even goed aansterken in deze donkere dagen. Zodat-ie tegen de carnaval weer voorzichtig zijn eerste liedje ten gehore kan brengen. Door zijn “heertjes”gedrag is hij wel de macho in de tuin: zich lang maken op de schutting, met de staart als een strijdvaandel recht omhoog! Of hij kijkt je met felle ogen aan, de vleugels wat afgezakt in een “kom-maar-op-houding”. En als dan zijn eerste aarzelende liedje klinkt, besef ik weer dat dit de nummer 1 is van de tuinvogel-top-2000.

Anton Hellings.

Anton Hellings
Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Uit de krant

Uit de krant