
Speuren naar verborgen oorlogsresten
Algemeen 322 keer gelezenSCHIJNDEL | Terwijl de energietransitie in volle gang is en er nieuwe kabels en leidingen worden aangelegd langs de Koeveringsedijk. Voordat de eerste schop de grond in gaat, onderzoekt Den Ouden Bodac of er nog ontplofbare oorlogsresten uit de Tweede Wereldoorlog in de bodem aanwezig zijn. Dat gebeurt niet zonder reden: Deze week is het precies 82 jaar geleden dat tijdens Operatie Market Garden in en rondom de Vlagheide hevig werd gevochten.
Wie langs de werkzaamheden rijdt, ziet medewerkers met metaaldetectors en graafmachines zorgvuldig te werk gaan. Op plekken waar een verdacht signaal wordt gemeten, wordt de grond laag voor laag afgegraven. Inmiddels zijn daarbij al meerdere mortiergranaten aangetroffen.
Volgens Dirk van de Vleuten van Den Ouden Bodac draait het onderzoek om veel meer dan alleen het opsporen van oude munitie. “Wij zijn een gecertificeerd bedrijf dat ontplofbare oorlogsresten mag opsporen. Dat doen we in de eerste plaats voor de veiligheid van de mensen die in de grond werken, maar ook voor de openbare orde en veiligheid. Opsporen is noodzakelijk, want als men tijdens de bouwwerkzaamheden onverwacht op een explosief stuit dat daardoor afgaat, kunnen de gevolgen groot zijn.”
Historisch onderzoek als vertrekpunt
Voordat we de bodem gaan detecteren, begint ieder onderzoek achter een bureau. Bij Den Ouden Bodac werken historici die oude kaarten, archieven en luchtfoto’s uit de oorlog bestuderen om vast te stellen waar mogelijk nog explosieven aanwezig zijn.
“Pas als uit historisch onderzoek blijkt dat een gebied “verdacht” is, bekijken we welk risico er ontstaat tijdens de geplande werkzaamheden. Daarbij kijken we niet alleen naar de locatie, maar ook naar het soort explosieven dat er kan liggen en hoe diep die zich waarschijnlijk in de bodem bevinden.” Blijkt uit de risicoanalyse dat er een onacceptabel risico bestaat, dan volgt een explosievenonderzoek in het veld.
Laag voor laag naar beneden
Bij de Koeveringsedijk gebeurt dat met zogenoemde real-time detectie. Een specialist scant de bodem met een detector. Zodra een verdacht object wordt gemeten, wordt de grond voorzichtig in lagen verwijderd. “Steeds opnieuw controleren we de bodem. Pas wanneer we het object hebben bereikt, graven we het volledig vrij. Als blijkt dat het inderdaad om munitie gaat, bekijken we of deze veilig kan worden verwijderd.”
De gevonden explosieven worden tijdelijk opgeslagen in een beveiligde opslagcontainer op het projectterrein. Zodra het werk is afgerond en alle munitie is verzameld, wordt de Explosieven Opruimingsdienst Defensie (EOD) ingeschakeld om de vondsten over te nemen en te vernietigen. Niet alle explosieven kunnen worden vervoerd, vliegtuigbommen worden, indien nodig, op de vindplaats zelf onschadelijk gemaakt.
Meer dan alleen granaten
Hoewel de aandacht vaak uitgaat naar explosieven, komen tijdens de werkzaamheden ook andere historische voorwerpen aan het daglicht. “Regelmatig vinden we persoonlijke bezittingen van soldaten, zoals helmen, riemen, schoenen of veldflessen. Daarnaast treffen we ook veel oud ijzer aan dat na de oorlog is achtergebleven.”
Den Ouden combineert explosievenonderzoek daarom regelmatig met archeologisch onderzoek. Zo kunnen historische vondsten behouden blijven, terwijl tegelijkertijd veilig gewerkt kan worden. Bij waardevolle objecten wordt het bevoegd gezag geïnformeerd, waarna deze uiteindelijk bijvoorbeeld in een museum terecht kunnen komen.
Gebied veilig voor de toekomst
Na afloop worden alle onderzochte locaties nauwkeurig vastgelegd met gps. Ook wordt geregistreerd wat er is gevonden en hoe diep het onderzoek heeft plaatsgevonden. Zo hoeft hetzelfde terrein bij toekomstige werkzaamheden niet opnieuw te worden onderzocht.
Voor veel voorbijgangers lijken de werkzaamheden misschien op zomaar wat graafwerk. In werkelijkheid brengen de onderzoekers stukje bij beetje een verborgen hoofdstuk uit de geschiedenis aan het licht. Juist op een plek waar 82 jaar geleden zwaar werd gevochten tijdens Operatie Market Garden, liggen de sporen van die strijd nog altijd verborgen in de Schijndelse bodem.








