Het Hoefje, onderdeel van de gemeijnt.
Het Hoefje, onderdeel van de gemeijnt. Foto: Hans van Rixtel

De terugkeer van de gemeijnt

Column

Een paar weken geleden zat ik in ‘t Spectrum te luisteren naar het verhaal van Ger van de Oetelaar over de gemeijnt; onze gezamenlijke woeste gronden tussen Gemonde, Schijndel, Boxtel en Rooi. Deze gronden werden o.a. gebruikt om er heideplaggen te steken, het vee te laten grazen, of om stelen te kappen voor gereedschap. Een bijzonder boeiende uiteenzetting over het leven in Schijndel en omgeving tijdens de middeleeuwen. Terwijl Ger op zijn bekende verteltrant het publiek meenam op zijn reis door het verleden, betrapte ik mezelf erop, dat ik wegdroomde naar het jaar 1300, toen Schijndel niet eens officieel op de kaart stond.

Keuterboerke
Ik woonde met mijn gezin op een klein boerderijtje aan de rand van het Achterste Hermalen. We hadden één varken, twee koeien, een paard en een geit, en een toom kippen. Het dagelijks leven zag er overzichtelijk uit: ik stuurde mijn oudste zoon met ons varken naar de gemeint bij de Hoge Beek, om daar te gaan “akeren”. Dat houdt in dat het varken zoveel mogelijk eikels en kastanjes, hazelnoten e.d. naar binnen werkt om tegen de slachttijd zo vet mogelijk te zijn. Er waren wel regels aan verbonden, opgesteld door Hertog Jan: varkens moesten een ring door de neus hebben, om te voorkomen dat de grond werd omgeploegd. Ook hadden wij een stukje van de Hoge Beek toegewezen gekregen, waar we mochten akeren. Als we ons niet aan de afspraken hielden, had ik kans dat ik bezoek kreeg van de gezworene. Dat was een controleur, gekozen door het dorpsbestuur, die bevoegd was om -namens d’n hertog- boetes uit te delen. Een soort middeleeuwse BOA dus.

Gemengd bedrijf
Wat ik zelf deed op die dag? Och, eerst efkes de koeien melken en het paard voeren. Mijn vrouw melkte de geit en voerde meepesant de kippen; ook raapte ze de verse eieren. Na de koffie spande ik het paard in om de speltakker om te ploegen; ’s middags was het tijd om het vlechtwerk van de schuur te herstellen, een combinatie van wilgenvlechten en stucadoren met leem (deze techniek noemden wij fitselstek). Voor het avondeten nog een half uurke tijd om aan mijn nieuwe klompen te werken. Ik sneed zelf mijn klompen op de heulbank; van mijn vader geleerd. Van wilgenhout wel te verstaan, want die waren waterdicht. En zo vliegt d’n dag um…

Terug naar 2024
Met lichte tegenzin ontwaak ik uit mijn dagdroom. De situatie is in onze tijd een tikkeltje anders: het gemengd bedrijf heeft plaats gemaakt voor grootschalige gespecialiseerde landbouw, gedreven door economische belangen. Maar toch zie ik kansen voor onze gemeintgronden uit het verleden. Met de neuzen van de omliggende gemeentes in de juiste richting, kunnen we samen onze natuurgebieden weer aan elkaar verbinden, een terugkeer van de gemeint dus. Het geïsoleerd liggende Wijbosch’Broek via nieuw aan te leggen natuur weer verbinden met de Geelders? Dat zou de kwaliteit van ons buitengebied enorm verbeteren, en de gemeijnt van de Meierij weer een nieuwe toekomst bieden.

Anton Hellings.

Anton Hellings
Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Uit de krant

Uit de krant