
Iedere donderdag draait het om meer dan alleen een boodschappenpakket
Algemeen 151 keer gelezenSCHIJNDEL | Terwijl de geur van verse koffie, koek en gebak donderdagmorgen door de ruimte trekt, heerst er een ontspannen sfeer. Vrijwilligers praten bij, halen herinneringen op en lachen om verhalen van vroeger. Op donderdag 2 juli werd stilgestaan bij een bijzondere mijlpaal: twintig jaar Voedselhulp Schijndel. Toch duurt de rust niet lang. Er moet nog vers brood worden opgehaald, vlees ligt klaar bij de donateurs en de laatste producten moeten nog in de voedselpakketten worden verdeeld. Want even later staan de eerste cliënten alweer voor de deur. De voedselhulp wacht immers op niemand.
Het typeert misschien wel het beste waar de vrijwilligers al twintig jaar voor staan. Er werd even stilgestaan bij het jubileum, maar de mensen die afhankelijk zijn van de voedselhulp mogen daar nooit de dupe van worden. Ook voor hen ligt deze ochtend een gebakje klaar om stil te staan bij twintig jaar hulp in Schijndel.
Voor voorzitter Theo van der Heijden van de Vincentiusvereniging is het een jubileum met twee gezichten. “Twintig jaar voedselhulp. Geweldig. Een activiteit die gruwelijk van belang is, zelfs in deze tijd. Maar dat is meteen ook het randje dat eraan zit.” Volgens Theo is voedselhulp namelijk iets waar je trots op mag zijn, maar tegelijkertijd iets waarvan je zou hopen dat het ooit overbodig wordt. “Twintig jaar helpen wij mensen die het zelf niet voor elkaar krijgen om voldoende voedsel bij elkaar te krijgen. Dat is meteen het rauwe randje van zo’n jubileum. Dat we in deze tijd dit soort voorzieningen nog nodig hebben.”
Van pionieren naar een vaste waarde
Twintig jaar geleden zag Schijndel er heel anders uit. Landelijke voedselbanken stonden nog in de kinderschoenen en ook in Brabant waren er maar enkelen actief. Toch zagen Jo van Giersbergen, Jan van Houtum en Gerard Schellekens dat ook in Schijndel behoefte bestond aan een vorm van voedselhulp.
“We hebben toen contact gezocht met onder meer afdelingen in Helmond en Amsterdam”, vertelt Jo. “We hebben informatie ingewonnen: hoe kunnen wij beginnen?” Met z’n drieën begonnen zij aan een initiatief waarvan niemand kon voorspellen dat het twintig jaar later nog steeds zou bestaan.
“Met z’n drieën zijn we begonnen met het opzetten van de voedselhulp.” Vanaf het eerste moment werd bewust gekozen voor een eigen koers. “Wij zijn altijd voedselhulp geweest en nooit een voedselbank. Wij wilden gewoon zelfstandig blijven, vanuit de Vincentius.” Die zelfstandigheid is volgens Jo nog altijd één van de sterke punten van de organisatie. De voedselhulp werkt nauw samen met de gemeente en de Commissie Bijzondere Zorg van de Vincentiusvereniging, waardoor maatwerk mogelijk blijft. “Wij krijgen adressen door van de gemeente, maar ook vanuit onze Bijzondere Zorg. Mensen die net buiten de regels vallen, proberen we vanuit Bijzondere Zorg toch te helpen.”
Donderdag is voedselhulpdag
Wie op donderdagmorgen binnenloopt, ziet een goed geoliede machine. Nog voordat veel Schijndelaren aan hun eerste kop koffie beginnen, zijn vrijwilligers al onderweg. “Alles verloopt volgens een vast stramien”, vertelt Manon van der Velde. “De vrijwilligers beginnen ‘s morgens in Veghel. Daarna halen ze producten op bij onder meer de Plus en de bakkers, Bakker Bart, Peter Snijers en Bakkerij Bekkers. Zo komt er vanuit allerlei kanten voedsel binnen, zowel lokaal als via de voedselbanken.”
Vervolgens worden alle producten gesorteerd en verdeeld. Verse producten, houdbare levensmiddelen, brood, vlees, groente en fruit krijgen allemaal een plek in de pakketten. Dat lukt mede dankzij de betrokkenheid van veel ondernemers en leveranciers uit de regio. “Die blijven ons steunen. We krijgen heel veel. De voedseloverschotten zijn enorm, maar daardoor kunnen wij mensen ook goed helpen”, vertelt Jo. Het zorgt er met de andere vrijwilligers voor dat de voedselpakketten iedere week goed gevuld zijn. “Het zijn heel goed gevulde pakketten.”
Meer dan eten
Toch draait het allang niet meer alleen om voedsel. Volgens Manon is de voedselhulp in de loop der jaren uitgegroeid tot een veel bredere vorm van ondersteuning. “Het is allang niet meer zo dat mensen alleen een voedselpakket krijgen en daarna uit beeld verdwijnen. Er zit veel meer achter. We blijven kijken waar iemand hulp nodig heeft en hoe we kunnen bijdragen.”
Via de Commissie Bijzondere Zorg wordt bijvoorbeeld geholpen wanneer een koelkast kapot gaat en iemand geen geld heeft voor een nieuwe. “Als bijvoorbeeld iemands koelkast kapot gaat en daar echt geen geld voor is, kijken we of we kunnen helpen. We hebben hier gelukkig een kringloopwinkel met voorraad. Daardoor kunnen we vaak iets regelen.”
Ook probeert de Vincentiusvereniging gezinnen af en toe iets extra’s te bieden. Zo gaan verschillende gezinnen deze zomer een dag naar BillyBird en werden vorig jaar entreekaarten voor de Efteling beschikbaar gesteld in samenwerking met de Efteling. “Wat we heel erg proberen, is dat mensen ondanks hun situatie zoveel mogelijk hun eigen autonomie behouden. Voor BillyBird krijgen gezinnen gewoon toegangsbewijzen en mogen ze zelf bepalen wanneer ze gaan. Dat past veel beter bij hun eigen leven.”
Vertrouwen
Volgens Jo draait de voedselhulp minstens zo veel om vertrouwen als om voedsel. Daarom staan bij de uitgifte vrijwel altijd dezelfde vrijwilligers klaar. “Wij doen de uitgifte meestal met drie mensen. Zo worden mensen niet iedere week weer met andere gezichten geconfronteerd. Dat vertrouwen is belangrijk.”
Ook wordt bewust afstand gehouden van de financiële beoordeling. “Wij zien de financiën niet. Dat hoeft ook niet. Dat kan veel beter door anderen worden beoordeeld.” Het zorgt ervoor dat de vrijwilligers cliënten vooral als dorpsgenoten blijven zien. “Wij komen die mensen gewoon in Schijndel tegen. Dat vind ik helemaal niet erg. Dat is ook goed. Je bent onderdeel van dezelfde maatschappij.”
Het overschot
Tijdens het gesprek komt ook een opvallende tegenstelling ter sprake. Iedere week zien de vrijwilligers hoeveel goed voedsel er overblijft. “Het is eigenlijk heel triest hoeveel voedseloverschot er is. Soms denk je: hoe dan? Er gaat zoveel weg dat niet eens in de winkel komt of weer wordt teruggeleverd. Dat is echt absurd.” Tegelijkertijd zijn er gezinnen die juist afhankelijk zijn van dat overschot. Volgens Manon laat dat zien hoe belangrijk de voedselhulp nog altijd is. “Mensen die rond de armoedegrens leven, hebben moeite om daarboven te blijven. Dat komt vaak niet doordat ze ineens meer gaan uitgeven, maar doordat toeslagen veranderen of andere financiële omstandigheden wijzigen. Hun buffer is zo klein dat ze er zo weer onder zakken.”
Dankbaarheid
Tijdens de jubileumochtend bedankt Theo alle vrijwilligers nadrukkelijk voor hun inzet. Sommige van hen zijn er al vanaf de eerste jaren bij. “Als bestuur hebben wij ontzettend veel waardering voor de inzet van iedereen. Het gaat niet vanzelf. Donderdagmorgen wordt al heel vroeg gewerkt en ook doordeweeks worden allerlei activiteiten gedaan om de pakketten bij elkaar te krijgen.”
Maar uiteindelijk draait het volgens hem niet om complimenten. “De waardering van de cliënten is groot, maar uiteindelijk doen we het niet voor die waardering. We doen het om andere mensen te helpen. Dat is ook de kern van de Vincentiusvereniging.”
Aan het einde van de ochtend vertrekken de eerste cliënten weer met een goed gevuld voedselpakket én een stukje gebak vanwege het jubileum. De vrijwilligers ruimen op, drinken nog een laatste kop koffie en bereiden zich alweer voor op volgende week. Want over zeven dagen begint alles opnieuw.
Twintig jaar na de oprichting is Voedselhulp Schijndel uitgegroeid tot veel meer dan een plek waar boodschappen worden uitgedeeld. Het is een organisatie waar voedsel, aandacht, vertrouwen en waardigheid hand in hand gaan. Of, zoals Theo het misschien wel het mooist samenvatte: “Alle inzet wordt gigantisch gewaardeerd. Nogmaals: alle waardering voor jullie. Hou vol.”










