
Oude ambachten en hoppluk herleven bij de Schaapskooi
Algemeen 1.061 keer gelezenOude ambachten en hoppluk herleven bij de Schaapskooi
SCHIJNDEL | Het terrein van de Schaapskooi verandert 7 september in één grote levende werkplaats, met kramen over het hele erf en vakmensen die hun ambacht ter plekke laten zien. “We willen oude ambachten laten zien, maar mensen moeten óók zien hoe het gemaakt wordt,” zegt René Terneusen. “Zo hopen we mensen te enthousiasmeren.” Het is vooral mooi om te zien hoe deskundigen rustig uitleg geven terwijl het werk onder je ogen ontstaat.
Tussen de achttien kramen staan onder meer een touwslager, rietmandenvlechter, glas-in-lood en Tiffany, een wolkraam met atelier en een moestuinhoek met pompoenen en stekjes. Imkers nemen bijenwas mee en er is zelfs een korfvlechter. De bijenwaskaarsen staan bewust vooraan, zodat de eigen bijen er geen lucht van krijgen.
De hoppluk wordt een blikvanger. Hopplukken is in Schorsbos een traditie die dit jaar nieuw leven wordt ingeblazen. “De prins komt aan om 11 over 11,” zegt Terneusen met een glimlach. Daarna volgt een kort ceremonieel moment met de hopmonnik en de voorzitter van de Schaapskooi, waarna de eerste hop wordt geplukt. “Het is echt de eerste hop.”
Terwijl de hop wordt binnengehaald, zijn de mannen van bierbrouwvereniging ’t Hopbelleke op het terrein aan het brouwen. Zij laten stap voor stap zien hoe het brouwproces werkt en leggen uit wat die verse hop betekent voor het bier.
De markt start om 10.00 uur en duurt tot 17.00 uur. Wie zin heeft in iets lekkers kan terecht bij de snoep- en popcornkraam en bij de poffertjes, die door ‘t Skupke voor een klein bedrag te krijgen zijn. Uiteraard is het terras en speeltuin van ’t Skupke ook geopend. Later op de dag klinkt accordeonmuziek. En wie wil meehelpen: er staat een kraam met de vraag of je nieuwe vrijwilliger wilt worden.
Entree bedraagt twee euro en kinderen krijgen limonade. “Het geld is puur voor het onderhoud van de Schaapskooi. Zo’n dak kost gewoon 100.000 euro,” benadrukt Terneusen. Dankzij die bijdrage blijven erf en gebouwen veilig en verzorgd, kunnen dieren en materialen goed gehuisvest worden en blijft er ruimte om ambachten te tonen en door te geven. “Het gaat gewoon altijd door,” zegt hij, ook als het weer een keer tegenzit. Elke bezoeker helpt mee om dit stukje levend erfgoed in stand te houden.








