Afbeelding
Foto: Anton Hellings
column

Ravotten op de Woeste Weide

Column 799 keer gelezen

Ik loop langs de gracht om het Lidwina richting het Veronicapark. Terwijl ik nog eens achterom kijk richting de Jan van Amstelstraat, realiseer ik me dat dit ook een mooi voorbeeld is van de ecologische verbindingen die de Gemeente Schijndel destijds (in de jaren ’80) heeft gerealiseerd. Wim Bekkers was toen hoofd van de plantsoenendienst, en hij liet me zijn plan zien om vanuit alle windrichtingen uit ons buitengebied een groene verbinding te leggen met het dorp. Een voorbeeld: het zou voor een vlinder mogelijk zijn om al fladderend van struik naar struik van de Weidonk naar de Boschwegse kerk te vliegen. En de aangrenzende tuinen zouden dan mooie pleisterplaatsen vormen, zodat iedereen de natuur dicht bij huis krijgt. Met dit “Bekkersplan” in mijn achterhoofd loop ik richting het speelterrein de Woeste Weide.

Natuur als levensbehoefte
Ook al is het behoorlijk koud, ik zie dat er toch een groepje kinderen op de heuvel aan het spelen is. Wat is dit toch een mooie plek geworden! De Woeste Weide is in 2014 door de lokale SP grotendeels gefinancierd, en aangelegd door Jeroen Charpentier. Hier kunnen kinderen zich naar hartenlust uitleven en ravotten: hier kunnen ze hun spel spelen zoals het bedoeld is, midden in een mooi stukje natuur. Onwillekeurig schiet me een citaat van Jac Thijsse binnen, de grote natuurbeschermer van honderd jaar terug: “Wie de natuur liefheeft, ziet haar overal, ook waar zij schijnbaar verdwenen is.” Hij was voor mij de grote inspirator toen we in de jaren ’90 een nieuwe speelleertuin mochten aanleggen bij EBC Icarus. Ook daar was de uitdaging om vooral de kinderen te leren kijken naar de natuur die zich direct op het terrein om de school liet zien; om te leren van de natuur hoefde je niet persé naar het bos, maar het gebeurde op het speelplein!

Thijsse was zijn tijd ver vooruit
Dr. Jac. P. Thijsse begon zijn carrière als schoolmeester. Terwijl hij een zesdaagse werkweek had, schreef hij twintig (!) Verkadealbums; hiermee wist hij miljoenen lezers enthousiast te krijgen voor de Nederlandse natuur. Hij was in 1905 mede-oprichter van Natuurmonumenten, en zat in alle mogelijke werkgroepen om de natuur te beschermen. Zonder Thijsse had ons land er nu heel anders uitgezien. Hij vond dat natuurbescherming niet een zaak is van dingen verbieden, en hekken plaatsen: hij inspireerde mensen door ze mee naar buiten te nemen. Hij was in staat om de gewone dingen bijzonder te maken, het landschap te laten spreken. De natuur als levende metgezel dus, die je ook tegen komt op je eigen terras.

Spierkesbos als stapsteen
Ik vervolg mijn wandeling over het zandpad langs de oude knotwilgen, richting Olieëindse straat. De katjes beginnen al te glinsteren met hun zilvergrijze vacht, een teken dat de lente in aantocht is. Het pad leidt slingerend naar het Spierkesbos, een oude veldnaam voor een voormalig griend, waar wilgentenen (spierkes) groeiden. Nu is het een weibos geworden met kannidassen en een ruige ondergroei, en vormt een belangrijke stapsteen als ecologische verbinding. De brede sloot is wel een hindernis om een kijkje te nemen in het bos, wellicht de volgende keer omlopen? Thijsse zou, gewapend met zijn schetsboek, die moeite zeer zeker genomen hebben…

Anton.

Anton Hellings
Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Uit de krant

Uit de krant